Mars

MarsMars is de buitenste van de vier aardse planeten. Hij is genoemd naar de Romeinse god van de oorlog en wordt vanwege zijn oranjerode kleur ook wel de rode planeet genoemd. Zijn gevarieerde oppervlak kent diepe kloven en hoge vulkanen. Hoewel Mars nu droog is, zijn er veel aanwijzingen dat er ooit water over zijn oppervlak stroomde.

Baan

Mars heeft een elliptische baan en als zijn afstand tot de zon op zijn kleinst is (perihelium) ontvangt hij 45% meer zonnestraling dan in het verste punt (aphelium). Hierdoor varieert de oppervlaktetemperatuur van -125 °C, 's winters aan de polen, tot 25 °C 's zomers. Met 25,2° is de huidige kanteling van de rotaties vergelijkbaar met die van de aarde. Mars heeft dan ook vier seizoenen, doordat tijdens een omloop eerst het ene en dan het andere halfrond meer naar de zon is toegekeerd. In de loop van de tijd heeft de stand van de Mars-as echter sterk gefluctueerd, onder meer door de aantrekkingskracht van Jupiter. Deze schommelingen hebben grote klimaatsveranderingen veroorzaakt. Wanneer Mars erg scheef staat, verdampt het waterijs aan de polen om neer te slaan op de koudere, lagere breedtegraden. Bij minder schuine stand, verzamelt zich waterijs aan de polen.

Bouw

Mars is een kleine planeet, ongeveer half zo groot als de aarde, en staat verder van de zon af. Dat betekent dat hij sneller is afgekoeld dan de aarde en zijn ooit vloeibare ijzerkern nu wellicht vast is. Zijn relatief lage dichtheid vergeleken met die van de andere aardse planeten geeft aan dat de kern tevens een lichter element kan bevatten, zoals zwavel in de vorm van ijzersulfide. De kleine kern wordt omgeven door een dikke mantel, samengesteld uit vaste silicaten. De mantel was in het verleden een bron van vulkanische activiteit, maar is nu inert. Gegevens van de Mars Global Surveyor duiden erop dat de stenige korst op het zuidelijk halfrond ongeveer 80 kilometer dik is en op het noordelijk halfrond slechts 35 kilometer. Mars heeft evenveel land als de aarde, maar geen vloeibaar water op zijn oppervlak.

 


Atmosfeer en Weer

Mars heeft een zeer dunne atmosfeer, die een gemiddelde druk op het oppervlak uitoefent van ongeveer 6 millibar (ongeveer 165 keer zo laag als de luchtdruk op aarde). De atmosfeer bestaat grotendeels uit kooldioxide en de roze kleur ontstaat door rondzwevende deeltjes ijzeroxide. Op hogere breedtegraden zijn dunne wolken van bevroren kooldioxide en waterijs aanwezig en ook rond hoge bergtoppen vormen zich in de zomer wolken. Mars is een droge, koude planeet met een gemiddelde oppervlaktetemperatuur van -63 °C, waar het nooit regent, maar in de winter veroorzaken wolken in de poolstreken ijsafzettingen. Mars heeft een zeer dynamisch klimaat. In de zuidelijke lente en zomer waaien warme winden uit het zuiden naar het noordelijke halfrond en wekken ze lokaal stofwolken op die duizend meter hoog kunnen zijn en weken kunnen aanhouden. De winden op grote hoogten kunnen ook zware stofstormen veroorzaken, die uitgestrekte gebieden van de planeet bedekken. De heersende winden langs het oppervlak hebben opvallende landschappen doen ontstaan.

Oppervlak

Het oppervlak van Mars is aangetast door meteorietinslagen, de wind, vulkanisme en breukvorming. Met denkt dat ooit ook water over en onder het Marsoppervlak heeft gelopen en structuren zoals dalen en rivierbeddingen heeft uitgesleten. De kraters zijn gevormd tijdens een periode van hevige meteorietbombardementen, ongeveer 3,9 miljard jaar geleden. Grote kraters, zoals het Hellas-bekken, worden voornamelijk op het zuidelijke halfrond aangetroffen, maar kleine kraters zijn overal op Mars te vinden. Marskraters zijn vlakker dan die op de maan en tonen tekenen van erosie door wind en water; sommige zijn zelfs geheel uitgewist.

Tektonische structuren

Miljarden jaren geleden , toen Mars nog een jonge planeet was, werden door inwendige processen de grootschalige structuren gevormd die we tegenwoordig op het oppervlak zien. Inwendige krachten schiepen de hooglanden, zoals het Tharsis-gebergte, en slenken, zoals de uitgestrekte Valles Marineris. Aardverschuivingen, wind en water hebben de slenkvalleien vervolgens afgesleten. Er is ook miljarden jaren lang vulkanische activiteit op Mars geweest. Wellicht is de planeet nog steeds vulkanisch actief, hoewel dit niet wordt verwacht. Tot de grote vulkanen op Mars behoort Olympus Mons.

Water op Mars

Wetenschappers hopen de aanwezigheid van water op Mars te kunnen aantonen, aangezien water onmisbaar is voor leven. Veel vloeibaar water kan er echter niet zijn, want Mars is een koude planeet, waar water doorgaans alleen als ijs of damp bestaat. Deze damp kan laaghangende mist veroorzaken en bij dalende temperatuur rijp op rotsen en bodem afzetten. Droge rivierbeddingen, dalen en afzettingsgebieden wijzen erop dat er drie tot vier miljard jaar geleden, toen Mars warmer was en een dichtere atmosfeer had dan nu, grote hoeveelheden snelstromend water waren. Een deel van dat water is als ijs in de bodem en de poolkappen achtergebleven. De poolkappen komen en gaan met de seizoenen en bestaan uit veranderlijke hoeveelheden waterijs en bevroren kooldioxide.

Manen

Mars heeft twee kleine donkere maantjes, Phobos en Deimos, die in augustus 1877 werden ontdekt door de Amerikaanse astronoom Asaph Hall. Deimos, de kleinste, is 15 kilometer lang en Phobos is 26 kilometer. Beide zijn onregelmatige, aardappelvormige rotslichamen. Waarschijnlijk betreft het planetoïden die vroeg in het bestaan van Mars zijn ingevangen. Ze dragen beide de littekens van meteorietinslagen. Deimos heeft een afstand tot Mars van 23.500 kilometer. Phobos staat slechts 9380 kilometer van Mars en komt steeds dichterbij. Uiteindelijk zal hij uiteen worden getrokken door de aantrekkingskracht van de planeet of daarop neerstorten.

Geografie

De eerste betrouwbare kaarten van Mars werden aan het eind van de 19de eeuw gemaakt door astronomen die tekeningen maakten van wat ze door hun telescopen zagen. De huidige kaarten zijn gebaseerd op gegevens van ruimtevaartuigen zoals de Mars Global Surveyor en de Mars Express. Voor de structuren op het oppervlak worden de volgende termen gebruikt: laagvlakten heten “planitia”, hoogvlakten “planum”, grote landoppervlakken “terra” en bergen en vulkanen worden “Mons” genoemd. Een “chasma” is een lange, diepe, steile inzinking en een “labyrinthus” een stelsel van elkaar doorsnijdende dalen of kloven. Individuele namen worden gegeven al naar gelang het type structuur. Grote dalen (“valles”) zijn genoemd naar Mars in verschillende talen en kleine naar rivieren. Grote kraters zijn genoemd naar beroemde geleerden, schrijvers en anderen die Mars hebben bestudeerd, kleine naar dorpen. Andere structuren zijn genoemd naar de dichtstbijzijnde heldere structuur die op de eerste kaarten stond.