Mercurius

Mercurius

De kleine planeet Mercurius staat het dichtst bij de zon en bevat van alle planeten in ons zonnestelsel het meeste ijzer. De omstandigheden aan zijn oppervlak zijn extreem. Er is nauwelijks een beschermende atmosfeer en de temperatuur stijgt overdag tot een verzengende 430 °C, om 's nachts tot ijzige – 180 °C te dalen. Geen enkele andere planeet kent zulke temperatuurschommelingen. Het oppervlak van Mercurius wordt geteisterd door een bombardement van meteorieten en is donker en stoffig.

Baan

De baan van Mercurius wijkt behoorlijk af van de cirkelvorm. In zijn perihelium staat de planeet slechts 46 miljoen kilometer van de zon, maar in zijn aphelium is dat 69,8 miljoen kilometer. Het vlak van de evenaar van Mercurius valt samen met het vlak van zijn baan (met andere woorden: zijn rotatieas staat vrijwel verticaal). Dat betekent dat de planeet geen seizoenen heeft en dat de bodems van sommige kraters dichtbij de polen nooit zonlicht krijgen, waardoor het daar dus altijd koud is. Zijn baan maakt een hoek van 7° met die van de aarde. Doordat Mercurius zich binnen de aardbaan bevindt, vertoont hij schijngestalten net als de maan.

Bouw

De zeer hoge dichtheid van Mercurius geeft aan dat hij veel ijzer bevat. Dit ijzer is 4 miljard jaar geleden naar het centrum gezakt, waardoor een 3600 kilometer grote kern werd gevormd. Het is mogelijk dat een dunne buitenlaag van de kern nog steeds gesmolten is. De vaste gesteentemantel is ongeveer 550 kilometer dik en beslaat bijna een kwart van de planeet. Deze buitenmantel is langzaam afgekoeld en gedurende het laatste miljard jaar zijn de uitbarstingen en lavastromen afgenomen, waardoor de planeet tektonisch inactief werd. De mantel en de dunne korst bestaan voornamelijk uit anorthosiet, een silicaat, net als de oude bergen van de maan. Er zijn geen ijzeroxiden. Anders dan bij de andere planeten lijkt al het ijzer in de kern te zitten; ditveroorzaakt een magnetisch veld met een sterkte van ongeveer één procent van dat van de aarde.

 

Atmosfeer

Mercurius heeft een zeer ijle, vergankelijke atmosfeer, doordat de massa van de planeet te klein is om deze lang vast te houden. De planeet staat zeer dicht bij de zon, waardoor de dagtemperaturen extreem hoog zijn, tot 430 °C. De ontsnappingssnelheid is minder dan de helft van die van de aarde, wat betekent dat hete, lichte elementen snel de ruimte in verdwijnen. De atmosferische gassen moeten daardoor voortdurend worden aangevuld. In 1974 werd de atmosfeer van Mercurius geanalyseerd door de ultravioletspectrometer van de Mariner 10. Er werd zuurstof, helium en waterstof gedetecteerd en met telescopen op aarde werd atmosferisch natrium, kalium en calcium aangetoond. De waterstof en het helium zijn afkomstig van de aanhoudende deeltjesstroom van de zon. De andere elementen komen van het oppervlak van de planeet en worden van tijd tot tijd door invallende ionen uit de magnetosfeer van Mercurius en door inslaande micrometeorieten de ijle atmosfeer in gestoten. De atmosferische gassen zijn aan de koude nachtzijde veel dichter dan aan de hete dagzijde, doordat de gasmoleculen minder snelheid hebben.

Oppervlaktedetails

Het zichtbare oppervlak van Mercurius is bedekt met inslagkraters. Doordat de zwaartekracht tweemaal die van de maan is, blijft de ejectadeken dichter bij de krater liggen en in een meer dikkere laag dan op de maan. Door inslagen van grote meteorieten zijn bekkens met meerdere ringen gevormd. Een indrukwekkend voorbeeld is het Caloris-bekken. Aan de andere kant van de planeet ligt een merkwaardig gebied dat is gevormd door de aardbeving die het gevolg van de inslag was. De kraters worden afgewisseld door ten minste twee generaties van gestolde lavavlakten. Lava liep langzaam uit gaten in de korst en verzamelde zich in de lager gelegen gebieden. Op Mercurius bevinden zich ook enkele kilometers hoge en honderden kilometers lange rotswanden.

Geografie
De baan van de Mariner 10 was zodanig dat slechts één helft van de planeet te zien was, maar men verwacht dat de andere kant er net zo uitziet. De 20°-meridiaan gaat precies door een kleine krater die Hun Kal is genoemd, “20” in de taal van de Maya's. Andere kraters zijn naar beroemde kunstenaars genoemd, zoals Michelangelo, Dickens en Beethoven. De meeste vlakten worden aangeduid met het woord voor Mercurius in verschillende talen.

 

Lander  dakpannen en gevelbekleding